Ik neem een voorzichtig slokje van mijn thee, mijn vingers nog steeds tintelend van zijn aanraking. De vloeistof brandt zacht op mijn tong, een scherp contrast met de rillingen die over mijn lijf trekken door zijn woorden, ik durf hem amper aan te kijken, bang dat hij de storm in mijn ogen kan zien of dat ik de zijne niet kan weerstaan. Hij lijkt mijn aarzeling op te merken en hij leunt nonchalant tegen het aanrecht, maar zijn blik blijft op mij gericht. Zijn stem is zacht, bijna hypnotiserend. "Je gedachten zijn als een open boek voor mij, maar ik zal ze nooit tegen je gebruiken." Zijn woorden zouden geruststellend moeten zijn, maar het enige wat ze doen, is mijn hartslag versnellen. "Wat als ik wil dat je ze leest?" Het floept eruit voordat ik het kan tegenhouden. De lucht tussen ons lijkt in te dikken, geladen met iets onuitgesprokens en Jake’s mondhoek krult langzaam omhoog, maar zijn ogen verraden iets anders iets rauws, iets donkers. Hij zet zijn mok neer, duwt zich van het aanrecht af en stapt dichter naar mij toe. Zo dichtbij dat ik zijn warmte voelt, zijn geur opnieuw in mij opneem.
"Pas op met wat je wenst, Lex," fluistert hij. "Want ik weet niet hoe lang ik mezelf nog in bedwang kan houden, zeker niet met hoe je nu zo voor mij staat." een huivering trekt langs mijn ruggengraat en ik weet dat ik mijn alles wil geven, dat ik als een blok voor hem val.
“Wat hebben we als ontbijt?” vraag ik snel, een wanhopige poging om het onderwerp te veranderen. Maar mijn stem verraadt me, te hoog, te gehaast. Mijn huid gloeit nog steeds van zijn blik, van de onuitgesproken woorden die in de lucht tussen ons hangen. Ik weet dat het nutteloos is om te doen alsof er niets is gebeurd, niet terwijl ik hier in zijn blouse en boxer voor hem sta, maar Jake speelt mee. Hij knikt kort, alsof hij mijn ongemak begrijpt, en draait zich om naar de keuken. Ik laat mijn schouders zakken van opluchting en kijk toe hoe hij moeiteloos begint te bewegen, hij start met pannen klaarzetten, eieren uit de koelkast halen, zijn spieren die onder het strakke T-shirt spannen bij elke beweging. Het is een intiem moment, op een alledaagse manier die me onverwachts raakt. Hij lijkt zo… thuis hier. Vertrouwd. Veilig. Ik plof neer op een stoel aan de eettafel en pak mijn telefoon, deels om mezelf af te leiden, deels om even grip op de realiteit te krijgen. Mijn scherm licht op met een reeks berichten van Faye. Sommige zijn blij, andere duidelijk bezorgd. Shit. Ik ben helemaal vergeten haar te laten weten dat ik veilig ben. Schuldgevoel kruipt in me omhoog terwijl ik haar nummer indruk. Al bij de eerste beltoon neemt ze op. “LEX! Oh Lex, ik maakte me zo zorgen! Ben je oké?! Waar ben je?!” Ik trek mijn knieën op tegen mijn borst en zucht. “Sorry F, ik ben oké. Ik ben veilig.” Mijn blik glijdt even naar Jake, die stilletjes verder werkt in de keuken, maar ik weet dat hij luistert. “Jake heeft me meegenomen naar zijn huis, zodat we meer rust hadden voor het interview. Het werd laat, en ik ben hier blijven slapen.” Er klinkt een diepe zucht aan de andere kant van de lijn, gevolgd door gerommel. Dan hoor ik Riff’s stem door de telefoon, luid en onmiskenbaar plagerig. “Wat zei ik, Faye? Onze kleine Lexie is helemaal gevallen voor mister Dark & Brooding! Ik geef haar twee dagen. Max.” Hij klapt in zijn handen en maakt overdreven kreungeluiden. Mijn hoofd vliegt omhoog, mijn ogen groot van schrik, maar dan barst ik in lachen uit. “Hou op, Riff!” weet ik er nog net uit te brengen. “Het is niet zoals je denkt.” “Tuurlijk niet, schat,” zegt hij geamuseerd. Jake is nu helemaal stil, zijn rug naar me toe. Ik kan niet zien of hij luistert, maar ik voel zijn aandacht als een tastbare aanwezigheid in de kamer. Faye giechelt aan de andere kant. “Nou, hoe dan ook… Lex, die Star-broers… Dat is een heel nieuw niveau aan mannen.” Haar stem klinkt dromerig en ik kan me helemaal voorstellen hoe ze met een gelukzalige glimlach in haar bed ligt, haar haren verward van de nacht ervoor. Mijn ogen glijden automatisch naar Jake. Ze heeft niet gelogen. “Ik ben blij dat je een leuke avond hebt gehad, Faye,” zeg ik oprecht. “Ik laat je weten hoe laat ik thuis ben, oké?” Faye belooft de groetjes te doen aan Riff voordat we ophangen. Ik leg mijn mobiel weg en laat mijn hoofd even tegen de rugleuning zakken. Jake loopt naar de tafel en zet een bord voor me neer. De geur van spek en eieren vult de ruimte en mijn maag knort, herinnerend aan het feit dat ik gisteravond nauwelijks heb gegeten. We eten in stilte, een comfortabele, kalme stilte, totdat Jake zijn stem laat horen. “Ik moet zo richting kantoor,” zegt hij. Zijn stem is neutraal, maar er ligt iets onder, een vraag, een aarzeling. “Ben je hier nog als ik terugkom?” Zijn woorden laten iets in mijn borst trekken. Hij vraagt het luchtig, alsof het hem niet zoveel uitmaakt, maar ik hoor de onderliggende onzekerheid. De vraag voelt… kwetsbaar. Alsof hij bang is voor het antwoord. Ik slik, “Wil jij dat ik hier nog ben?” Een glimlach trekt aan zijn lippen en er fonkelt iets in zijn ogen, waardering, misschien zelfs bewondering. “Je bent een snelle leerling.” Hij leunt een beetje naar achter en laat een klein, diep lachje horen. Het geluid is zo puur, zo ongefilterd dat ik versteld sta. “Ja, Lex. Ik wil je hier graag. Ik heb vragen. Ik wil je beter leren kennen. En als ik me goed herinner, hebben we nog een interview af te ronden.” Ik grinnik en neem een hap van mijn eten. Hij heeft een punt. “Ik zal er zijn vanavond,” beloof ik. “Maar ik wil nog even de stad in. Zou ik jouw Nick mogen lenen daarvoor?” Jake kijkt me vragend aan. “Mijn Nick?” Zijn mondhoeken krullen omhoog, en dan tot mijn verbazing barst hij in lachen uit, echte, diepe, ongecontroleerde schaterlach. Het vult de kamer, warm en aanstekelijk. Ik kijk hem verbaasd aan, maar glimlach dan ook. Ik heb hem nog niet eerder zo zien lachen en Ik hoop dat hij het vaker doet. “Nick is mijn beveiliger en chauffeur. Er zit niks van mij bij, Lex,” zegt hij met een twinkeling in zijn ogen. “Maar ik zal hem vragen om je vandaag te begeleiden. Hij wacht buiten tot je klaar bent om te gaan.” Ik knik, maar voordat ik nog iets kan zeggen, kantelt Jake zijn hoofd en kijkt me recht aan. Zijn stem wordt zachter, oprechter. “Oh, en Lex?”
“Ja?”
Zijn blik houdt de mijne gevangen. “Ik vond vannacht fijn.”
Mijn hart slaat over.
Hij wacht niet op mijn reactie. In plaats daarvan staat hij op, ruimt zijn kopje en bord op en verdwijnt de trap op, richting zijn slaapkamer om zich klaar te maken voor werk. Ik blijf achter, mijn vork stil in de lucht. Mijn hart bonkt in mijn borstkas. Ik vond vannacht fijn. De woorden blijven in mijn hoofd rondspoken. Ik weet niet wat ik verwacht had, maar het was niet dit. Niet deze openhartigheid, niet deze eerlijkheid. Mijn vingers glijden over de rand van mijn mok terwijl ik naar de trap staar, de plek waar hij net verdween. Jake Star blijft me verrassen. Ik blijf nog even zitten aan de eettafel, mijn vingers om mijn mok geklemd, terwijl mijn gedachten alle kanten op schieten. De warmte van de thee straalt tegen mijn handpalmen, maar het kan de rilling die over mijn rug trekt niet wegnemen. Jake’s woorden echoën nog steeds in mijn hoofd.
"Ik vond vannacht fijn." Er was geen twijfel in zijn stem, geen aarzeling. Alsof het zo simpel was. Alsof hij er geen seconde over na had moeten denken. Maar voor mij? Voor mij was het allesbehalve simpel. Mijn blik dwaalt af naar de lege plek tegenover me. De geur van spek en eieren hangt nog steeds in de lucht, en het bord dat Jake achterliet getuigt van de stilte die tussen ons hing geen ongemakkelijke stilte, maar een geladen, onuitgesproken spanning. Iets wat ik niet kan plaatsen, iets wat me zowel aantrekt als beangstigt. Een zucht ontsnapt mijn lippen en ik dwing mezelf overeind. Ik voel de stof van zijn blouse langs mijn huid glijden, veel te groot, veel te persoonlijk. Mijn vingers spelen met de mouwen terwijl ik door de keuken dwaal, mijn handen rusteloos, mijn gedachten nog roeriger. Mijn ogen glijden over het aanrecht, over de kleine dingen die Jake in huis heeft staan een potje met verse koffiebonen, een fles whisky die halfleeg in de hoek staat, een slordig neergegooide autosleutel. Kleine details die hem vormgeven, die me iets vertellen over de man die me zo intrigeert. Voordat ik het besef, nemen mijn voeten me mee naar de woonkamer. Jake is boven, de geluiden van stromend water verraden dat hij onder de douche staat. Mijn hart slaat op hol bij de gedachte—aan de warmte van het water over zijn huid, aan druppels die over de strakke lijnen van zijn spieren glijden. Ik knijp mijn ogen dicht en vloek inwendig.
Hou op, Lex. Dit helpt niet.
Ik moet me aankleden. Ik moet mezelf bij elkaar rapen en de controle terugpakken, al is het maar voor even. Mijn blik valt op mijn zilveren jurk, achteloos over de rugleuning van de bank gedrapeerd. De stof glinstert zacht in het ochtendlicht, herinnerend aan de vorige avond aan de manier waarop Jake naar me keek, alsof ik het enige was in de kamer. Mijn ademhaling versnelt en ik wend mijn blik af, alsof het terugkijken naar dat moment me zou doen instorten. In plaats daarvan loop ik naar de trap en beweeg me geruisloos naar boven. De gang is breed, met rustieke houten balken die een bepaalde warmte uitstralen. Het voelt… huiselijk, ondanks de grootsheid van het huis. Wanneer ik bij de slaapkamer aankom, blijft mijn hand even op de deurklink rusten. Ik weet dat ik meer bedekkende kleren hier ergens moet kunnen vinden. Maar Jake is er ook. Achter deze deur. Misschien nog steeds onder de douche. Mijn keel voelt droog terwijl ik mezelf dwing om diep adem te halen. Niet denken. Gewoon doen. Ik open de deur voorzichtig en stap naar binnen. De ruimte is gevuld met de geur van warm water en iets dat onmiskenbaar Jake is hout, kruidige zeep, en iets donkers, iets verslavends. Mijn blik glijdt naar de badkamerdeur, die op een kier staat. De spiegels zijn beslagen, en er komt een dunne sliert stoom onder de deur door. Mijn hart bonkt in mijn borstkas. Ik zou nu weg moeten lopen. Moeten wachten tot hij klaar is. Maar mijn voeten bewegen niet. Mijn ogen blijven gericht op de deur, mijn ademhaling onregelmatig. En dan hoor ik het. De douche stopt. Shit. Mijn adem stokt in mijn keel. Een paar tellen stilte. Dan het geluid van een handdoek die van een rek wordt gepakt, het geritsel van stof over huid. Ik draai me snel om, mijn wangen brandend. Dit is gek. Dit is absoluut gestoord. Ik heb hier niets te zoeken,
“Lex.” Jake’s stem snijdt door de stilte. Mijn rug verstijft. Ik sluit mijn ogen en vloek in mezelf. Shit, shit, shit. Langzaam draai ik me om, en mijn adem blijft letterlijk steken in mijn keel. Jake staat in de deuropening van de badkamer, een handdoek nonchalant om zijn heupen gewikkeld. Druppels glijden traag over zijn sleutelbeen, langs de scherpe lijnen van zijn borst, verdwijnen ergens bij de rand van de stof. Zijn haar is nat, donkere plukken die wild over zijn voorhoofd vallen. Zijn ogen verduisterd, intens zijn volledig op mij gericht.
“Zoek je iets?”
vraagt hij, zijn stem schor van de douche. Ik wil antwoorden. Echt. Maar mijn brein lijkt alle taalvaardigheid te zijn verloren. Hij grijnst, een scheve, zelfverzekerde trek die iets gevaarlijks in zich heeft. “Of ben je gewoon nieuwsgierig?” Mijn hele lichaam staat in brand. Ik weet niet wat me bezielt, maar in plaats van weg te kijken, houd ik zijn blik vast. “Misschien,” zeg ik, mijn stem zachter dan ik had bedoeld. Zijn ogen flikkeren, iets donkerder nu. Hij zet een stap dichterbij, niet veel, maar genoeg om de lucht tussen ons zwaarder te maken. De geur van zijn huid, warm en fris, mengt zich met de stoom die uit de badkamer kringelt. Hij kantelt zijn hoofd een fractie.
“Je speelt met vuur, Lex.”
Mijn lippen krullen een klein beetje. “Misschien.” Voor een tel hangt er iets tussen ons een spanning die bijna tastbaar is, een mogelijkheid die op het punt staat te exploderen, en in stilte wens ik dat hij mij nu oppakt en neemt. Maar dan, alsof hij zichzelf herpakt, schudt Jake zachtjes zijn hoofd en grinnikt. “Ga je nog iets aantrekken, of ben je van plan zo de stad in te gaan?” Mijn mond valt half open van verontwaardiging, maar voordat ik iets kan zeggen, draait hij zich om en verdwijnt de kamer in, alsof er net niet iets onuitsprekelijk tussen ons gebeurde. Ik laat een langgerekte zucht ontsnappen en loop snel naar de kast om mijn kleding te pakken. Mijn benen voelen als gelei terwijl ik me aankleed, mijn hoofd nog steeds duizelend van alles wat er net is gebeurd.
Reactie plaatsen
Reacties